Home › Kennisbank › Arbeidsmiddelen
🛠️ Hoofdstuk B · Uitvoeren van werkzaamheden · 4 van de 40 examenvragenArbeidsmiddelen
Veilig werken met vaste machines en aangedreven handgereedschap, in de buurt van hijswerk, en met vorkheftrucks en palletwagens.
Algemene eisen aan machines en gereedschap
- Periodiek gekeurd, met een sticker of kleurcode die de geldigheid aangeeft
- Gebruiks- en onderhoudsvoorschrift in de taal van het land, en een instructiekaart bij de machine
- Machines van na 1995 hebben een CE-markering
- Bewegende delen zijn afgeschermd
- In goede staat en geschikt voor het werk
Eisen aan de bediener:
- Genoeg opleiding en ervaring
- 18 jaar of ouder als je gevaarlijke machines bedient
- Geen losse kleding, sieraden of loshangend haar
- Bij draaiende delen alleen nauwsluitende handschoenen
- Beveiligingen nooit overbruggen
- Een draaiende machine nooit onbeheerd laten
- Je kent de noodstop
Blijf geconcentreerd zolang de machine draait. Laat je niet afleiden, ook niet door je telefoon of een collega.
- CE-markering
Algemene gevaren bij machines en gereedschap
Bij vaste machines en aangedreven handgereedschap kun je:
- Gegrepen of bekneld raken door bewegende delen
- Geraakt worden door materiaal of deeltjes die wegvliegen
- Je snijden of schaven aan snijdende delen
- Een elektrische schok krijgen
Gereedschap kan ook 'happen': het blijft ineens haken in het werkstuk en slaat of draait hard mee. Daardoor kun je gewond raken.
Verder: lawaai en trillingen, een werkstuk dat heel heet of heel koud is, vonken die brand of een explosie veroorzaken, een storing in de besturing of de energiebron (stroom, perslucht), een verkeerde werkhouding die je lichaam overbelast, en verkeerd gebruik waarbij je hand of pols ontwricht of gekneusd raakt. Ook: schadelijk stof inademen, een machine die lang uitloopt, slecht onderhoud, en afgeleid worden tijdens het werk.
Pneumatisch gereedschap werkt op perslucht, niet op stroom. Een gevaar is dat de luchtslang losschiet en je raakt.
Goed om te weten: persluchtgereedschap maakt vaak meer lawaai dan elektrisch gereedschap. Dan is gehoorbescherming vaak nodig.
Noodstop, dodemansknop en nulspanning
Vaste machines hebben een noodstop. Daarmee zet je de machine bij gevaar zo snel mogelijk stil. De noodstop is goed bereikbaar, duidelijk zichtbaar en herkenbaar. Na gebruik start de machine alleen weer via de normale opstartprocedure.
Een nulspanningsschakelaar (ook nullastschakelaar genoemd) voorkomt dat een machine vanzelf start als de stroom na een storing terugkomt.
Aangedreven handgereedschap heeft een dodemansknop die niet vergrendelbaar is: laat je los, dan stopt het gereedschap. Voorbeeld: een elektrische heggenschaar werkt alleen als je met twee handen de knoppen ingedrukt houdt.
Elektrisch handgereedschap is dubbel geïsoleerd en niet geaard. Let op: dubbele isolatie beschermt niet tegen water en vocht.
Goed om te weten: dubbele isolatie herken je aan het teken van een vierkant met daarin een kleiner vierkant.
Pneumatisch gereedschap: pauzeer regelmatig bij trillend werk, sluit de luchttoevoer af na gebruik, en pas op voor een luchtslang die losschiet.
Gevaren per machine
Kolomboormachine: het werkstuk slaat los, de boor breekt, spanen springen weg, koel- of snijolie spat, en je raakt gewond als je boorsel met de hand wegveegt.
Slijpmachine: rondvliegende deeltjes geven oogletsel, de slijpsteen springt kapot, het werkstuk klemt tegen de steen, je raakt de draaiende steen aan, en je ademt slijpstof in.
Cirkelzaag: je wordt geraakt of gegrepen door de zaag of andere bewegende delen, afgezaagde delen vliegen weg, en je ademt schadelijk stof in.
Nagel- en nietmachine: de nagel schiet weg, slaat terug of wijkt af op hard materiaal, of gaat dwars door het werkstuk heen.
Kettingzaag: zo gevaarlijk dat je eerst een opleiding met een toets moet halen.
Goed om te weten: klem het werkstuk vast, draag een veiligheidsbril, veeg boorsel weg met een borstel, gebruik bij de cirkelzaag een beschermkap, spouwmes en duwhout, en nooit een beschadigde slijpsteen.
Voordat je een machine gebruikt
1. Informatie: lees de handleiding en volg de instructie van je leidinggevende over gevaren en maatregelen 2. Controle: staat van het arbeidsmiddel, beveiligingen en, als dat geldt, de keuring 3. PBM's: kiezen, controleren en juist gebruiken 4. LMRA: kan het werk veilig? Zo nodig extra maatregelen 5. Voorgeschreven maatregelen nemen voor, tijdens en na het werk
Rond de machine: vloer opgeruimd, schoon, vlak, droog en stroef, genoeg loop- en bewegingsruimte, gevaarlijke zones afgeschermd en stofafzuiging waar nodig. Verder:
- Bedien de machine zoals het hoort
- Schakel hem uit bij onderhoud
- Draai nooit met een open aandrijving
- Zorg voor een rem, zodat de machine niet lang uitloopt
De werkgever stelt PBM's beschikbaar en ziet erop toe dat je ze goed gebruikt.
In de buurt van hijswerk
Met een hijswerktuig verplaats je lasten omhoog, omlaag en opzij. Denk aan hijskranen, torenkranen, rolbruggen en handtakels. Een handtakel heeft geen aandrijving en bedien je met de hand. Hijstoebehoren zijn hulpmaterialen zoals oogbouten, sluitingen, hijsbanden, kettingen en kabels. Hijsgereedschap is bijvoorbeeld een hijsjuk of een twee-, drie- of viersprong.
Gevaren: het hijswerktuig valt om, de last valt, de last raakt iets of iemand, je wordt binnen de draaicirkel geraakt door het hijswerktuig, slecht weer. Bij een handtakel kan een onderdeel breken, of het punt waaraan de takel vastzit.
Als je in de buurt werkt: helm dragen, controleren of duidelijk is waar je wel en niet mag werken, buiten het hijsgebied blijven en toestemming vragen om het te passeren of te betreden, bewust zijn van de gevaren en risico's. Dus ook nooit onder een hangende last.
Eisen: het materieel is gekeurd, er is een geldig keuringsbewijs en de keuringsstatus is zichtbaar op het hijswerktuig. De maximale belasting van hijstoebehoren staat op het hijstoebehoren zelf, of op een plaat of ring die eraan vastzit.
Een hijswerktuig bedienen of lasten aanslaan — de last vastmaken aan de haak — mag alleen met getoetste deskundigheid: je hebt er een opleiding met toets voor gehaald.
- Hangende lasten
Vorkheftruck en palletwagen
Met een vorkheftruck verplaats je lasten op de vorken, of met speciale hulpmiddelen.
Gevaren: de last valt, de lading of het voertuig kantelt, je rijdt personen, goederen of gebouwen aan, goederen en uitrusting raken beschadigd door verkeerd gebruik, en in een afgesloten ruimte adem je de uitlaatgassen van een heftruck op diesel in.
Maatregelen: contragewicht nooit verzwaren, last stabiel over beide vorken, goed zicht, niet hijsen zonder speciaal hulpmiddel, niet meerijden zonder zitplaats, rekening houden met mensen in de buurt. Personen heffen alleen met een goedgekeurde werkbak-combinatie. De chauffeur heeft getoetste deskundigheid en gebruikt de aanwezige veiligheidsvoorzieningen: gordel, beschermhekjes, beugel of cabine.
Een palletwagen is een voertuig met een hefhoogte van 20 cm om pallets met de hand of elektrisch te verplaatsen. Gevaren: rugklachten, pijnlijke schouders en armen, beknelde vingers, enkels of voeten, vallende lading, aanrijden en schade door verkeerd gebruik. Maatregelen: stabiel laden, rijden over egale grond, genoeg ruimte, trekken in plaats van duwen, goede houding.
- Transportvoertuigen
- Verboden voor transportvoertuigen
Dit weet je nu
Met dit in je hoofd loop je veilig rond elke machine.
- Machine: gekeurd, beveiligd, bediener van een gevaarlijke machine 18 jaar of ouder, geen losse kleding, nooit onbeheerd. Eerst informatie, controle, PBM's en LMRA.
- Hijswerk: buiten het hijsgebied blijven, nooit onder een last, helm op. Aanslaan en bedienen alleen met getoetste deskundigheid.
- Heftruck: contragewicht nooit verzwaren, stabiel laden, niet meerijden zonder zitplaats. Een palletwagen trek je.
Test jezelf
182 oefenvragen over arbeidsmiddelen in de app. Of doe nu het gratis proefexamen met vragen uit alle hoofdstukken, voorgelezen door Claartje.
Gratis proefexamenOefenvragen: arbeidsmiddelen
Klik op een vraag voor het antwoord, de uitleg en waarom de andere antwoorden niet kloppen.
Hoe zie je of een machine op tijd gekeurd is?
- Aan de CE-markering, die geeft aan dat de machine is goedgekeurd
- Aan een keuringssticker of kleurcode met de geldigheidsduur
- Aan het bouwjaar op het typeplaatje
- Aan de handleiding die bij de machine ligt
Antwoord: B
De geldigheid van de keuring staat op een sticker of kleurcodering op de machine. Een CE-markering zegt dat de fabrikant aan de Europese eisen voldoet, niet dat de periodieke keuring is gedaan.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- A: CE zegt dat de fabrikant aan de Europese eisen voldoet, niet dat de keuring is gedaan.
- C: Het bouwjaar zegt niets over wanneer de machine voor het laatst is gekeurd.
- D: In de handleiding staat hoe je de machine gebruikt, niet wanneer hij gekeurd is.
Je leidinggevende zoekt iemand om een gevaarlijke machine te bedienen. Aan welke eis moet die persoon voldoen?
- 18 jaar of ouder en voldoende opgeleid
- Minimaal 16 jaar
- Alleen een VCA-diploma
Antwoord: A
Voor het bedienen van gevaarlijke machines: 18 jaar of ouder, met voldoende opleiding en ervaring.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- B: Voor gevaarlijke machines moet je 18 jaar of ouder zijn; 16 is te jong.
- C: Een VCA-diploma is geen opleiding voor die machine; je hebt opleiding en ervaring nodig.
Je laat tijdens het werk de knop van je haakse slijper los. De machine stopt meteen. Welke beveiliging is dit?
- De dodemansknop
- De nulspanningsschakelaar
- De noodstop
Antwoord: A
Aangedreven handgereedschap heeft een dodemansknop die niet vergrendelbaar is: laat je het bedieningsmiddel los, dan stopt het gereedschap.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- B: De nulspanningsschakelaar voorkomt dat een machine vanzelf start na een stroomstoring.
- C: De noodstop zit op vaste machines en moet je zelf indrukken.
Waarvoor zorgt een nulspanningsschakelaar?
- Dat de machine sneller stopt bij een noodstop
- Dat de machine niet vanzelf start als de stroom na een storing terugkomt
- Dat de machine minder stroom verbruikt
- Dat de machine geaard is
Antwoord: B
Een nulspanningsschakelaar voorkomt dat een machine automatisch start wanneer de spanning na wegvallen terugkeert.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- A: Sneller stoppen is de taak van de noodstop, niet van de nulspanningsschakelaar.
- C: Stroomverbruik heeft niets met deze beveiliging te maken.
- D: Aarden is iets anders; deze schakelaar gaat over het opnieuw starten na een storing.
Je gebruikt een dubbel geïsoleerde boormachine buiten terwijl het regent. Wat is juist?
- Dubbele isolatie beschermt tegen alles, dus dit is veilig
- Dubbele isolatie beschermt niet tegen vocht, dus dit is onveilig
- Alleen veilig als je rubberen laarzen draagt
- Veilig als je de machine geaard hebt
Antwoord: B
Dubbele isolatie is geen bescherming tegen water en een vochtige omgeving.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- A: Dubbele isolatie beschermt niet tegen alles, en zeker niet tegen water.
- C: Laarzen maken een natte machine niet veilig; het vocht blijft het probleem.
- D: Dubbel geïsoleerd gereedschap wordt niet geaard; het vocht blijft het probleem.
Een collega laat een draaiende cirkelzaag even alleen om koffie te halen. Wat is juist?
- Dat mag als het maar kort is
- Een draaiende machine mag je nooit onbeheerd achterlaten
- Dat mag als de zaag CE-gemarkeerd is
- Dat mag als er een waarschuwingsbord hangt
Antwoord: B
Een draaiende machine laat je nooit onbeheerd achter.
Waarom de andere antwoorden niet kloppen
- A: Ook een korte tijd is te lang: iemand kan gegrepen worden door het zaagblad.
- C: CE zegt iets over de fabrikant, niet over onbeheerd achterlaten.
- D: Een bord houdt niemand tegen en let niet op de draaiende zaag.
Bron: SSVV, VCA eind- en toetstermen 3.1 (m.i.v. 1 september 2026) en toetsmatrijs B-VCA versie 2026.