claartje.

Home › Kennisbank › Regelgeving en veiligheidsregels

📋 Hoofdstuk A · Voorbereiden, bespreken en inspecteren · 4 van de 40 examenvragen

Regelgeving en veiligheidsregels

Wat de wet van jou en je werkgever vraagt, wat de Arbeidsinspectie mag, en hoe afspraken over veilig werken eruitzien.

De wet over veilig en gezond werken

V&G-wetgeving is de verzamelnaam voor alle regels over veiligheid en gezondheid op het werk. In Nederland is de belangrijkste wet de Arbowet (Arbo staat voor arbeidsomstandigheden).

De doelen van de wet:

  • Werknemers beschermen tijdens hun werk
  • De veiligheid en gezondheid van werknemers verbeteren
  • Zorgen voor zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden

Voor wie en waar? De wet geeft de rechten en plichten van de werkgever en de werknemers. Werknemers zijn ook uitzendkrachten, stagiairs en vrijwilligers. De wet geldt overal waar je werkt. Hij gaat over veiligheid, gezondheid en welzijn.

De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert of iedereen zich aan de wet houdt. Zij mag dus altijd langskomen, niet alleen na een ongeval.

💡 De Arbeidsinspectie houdt toezicht op de naleving van de V&G-wetgeving. Die geldt voor werkgever én werknemer.

Milieu, arbeidstijden en CE-markering

Naast de Arbowet moet je nog drie onderwerpen kennen.

Milieuwetgeving. De doelen:

  • Mens en omgeving beschermen tegen schade door het werk
  • Uitstoot en afval beperken
  • Afval op een goede manier laten afvoeren

Bedrijven passen daarvoor hun productie aan. En ze gaan zuinig om met energie, water en grondstoffen.

Arbeidstijdenwetgeving. De wet regelt hoe lang je maximaal mag werken en hoe lang je minimaal moet rusten. Zo blijven je veiligheid en gezondheid op peil. De wet helpt ook om werk, zorg en gezin te combineren. De wet kijkt ook naar jouw persoonlijke situatie. En hij hoort bij het beleid voor veiligheid en gezondheid.

CE-markering. Europese richtlijnen stellen veiligheidseisen aan producten. Elk land van de Europese Unie moet deze richtlijnen opnemen in zijn eigen, nationale wetgeving. De fabrikant of invoerder plakt het CE-logo erop. Dat mag hij pas na een technisch dossier en een verklaring van overeenstemming. Daarin bevestigt hij dat het product voldoet aan de eisen. Staat het CE-logo op een arbeidsmiddel (gereedschap, machine) of PBM (persoonlijk beschermingsmiddel)? Dan voldoet het aan de Europese veiligheidseisen. Zonder CE-markering mag een arbeidsmiddel niet op de markt worden gebracht.

💡 CE-logo: de fabrikant of invoerder bevestigt dat het product voldoet aan de Europese veiligheidseisen.

Wat mag de Arbeidsinspectie?

De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert of bedrijven zich aan de wet houden. Dit zijn haar bevoegdheden, in de woorden van het examen.

Controleren:

  • Toezicht houden op de naleving van de wet
  • Onderzoek instellen na een ongeval
  • Werknemers om een geldige legitimatie vragen

Ingrijpen:

  • Eisen stellen aan hoe het bedrijf de regels naleeft
  • Een waarschuwing geven als het bedrijf van de regels afwijkt
  • Het werk stilleggen als mensen ernstig gevaar lopen
  • Een proces-verbaal opmaken

Goed om te weten, geen examenstof: in de praktijk kan een overtreding ook een boete opleveren. Voor het bedrijf én voor de werknemer. Het examen vraagt naar de bevoegdheden hierboven.

Wat de inspectie níet doet: zelf het werk uitvoeren of repareren, of werknemers ontslaan. Dat is een taak van het bedrijf.

💡 Bij ernstig gevaar mag de inspectie het werk direct stilleggen.

Jouw plichten als werknemer: veilig werken

De wet vraagt ook iets van jou. Dit zijn je plichten bij het werk zelf:

  • Zorg voor je eigen veiligheid en gezondheid én die van anderen
  • Gebruik PBM's op de juiste manier en onderhoud ze
  • Gebruik machines, gereedschap, gevaarlijke stoffen en voertuigen op de juiste manier
  • Haal beveiligingen nooit weg en verander ze niet
💡 Beveiliging weghalen of omzeilen is altijd verboden.

Jouw plichten als werknemer: melden, leren, samenwerken

Naast veilig werken heb je nog vier plichten:

  • Meld incidenten en ernstig gevaar direct aan je leidinggevende
  • Volg opleiding, voorlichting en instructies
  • Werk samen met je werkgever en de preventiemedewerker aan een veilig bedrijf, en draag positief bij aan het preventiebeleid
  • Geen geweld, geen pesten en geen ongewenst seksueel gedrag op het werk
💡 Melden, instructies volgen en samenwerken zijn plichten, geen keuzes.

Jouw rechten als werknemer

Tegenover je plichten staan rechten:

  • Recht op informatie en opleiding
  • Recht op een veilige en gezonde werkomgeving
  • Recht om het werk te onderbreken als er gevaar is voor mensen
  • Recht op periodiek gezondheidsonderzoek

Periodiek betekent: regelmatig, dus niet alleen bij je start. Je krijgt de kans om je te laten onderzoeken. Zo voorkom je schade aan je gezondheid door het werk, of houd je die klein. Bijvoorbeeld een gehoortest als je in lawaai werkt. Zo'n onderzoek heet vaak een PMO (preventief medisch onderzoek) of PAGO (periodiek arbeidsgezondheidkundig onderzoek).

💡 Periodiek gezondheidsonderzoek is jouw recht: regelmatig, niet één keer.

Ernstig gevaar? Dit mag en moet je doen

Bij dreigend, ernstig of onmiddellijk gevaar doe je drie dingen. De volgorde ligt niet vast: kies wat op dat moment veilig is.

  • Meld de situatie direct aan je leidinggevende
  • Stop het werk en zoek de veiligheid op
  • Neem, als dat veilig kan, maatregelen om de gevolgen van het gevaar te voorkomen, met je eigen kennis en middelen

Je hoeft dus niet op toestemming te wachten om te stoppen. Maatregelen neem je alleen als je dat zelf veilig kunt doen.

💡 Bij ernstig gevaar mag je stoppen. Je meldt het altijd aan je leidinggevende.

Plichten van de werkgever: beleid en risico's

Je werkgever moet de veiligheid, gezondheid en het welzijn van werknemers beschermen. Dit moet hij regelen voor beleid en risico's:

  • Een preventiebeleid voeren dat bij het bedrijfsbeleid hoort
  • Een globaal preventieplan en een V&G-jaarplan opstellen en uitvoeren
  • Een risicoanalyse op papier maken: de RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie). Daarin staan alle risico's van het bedrijf
  • Overleggen met werknemers over veiligheid en deskundigen raadplegen
  • Ernstige arbeidsongevallen onderzoeken en melden bij de Arbeidsinspectie
  • Maatregelen nemen voor hulpverlening en ontruiming
💡 De werkgever moet een schriftelijke RI&E hebben en ernstige ongevallen melden bij de Arbeidsinspectie.

Plichten van de werkgever: mensen en middelen

Ook op de werkvloer heeft je werkgever plichten:

  • Goede PBM's geven én controleren dat ze gebruikt worden
  • Zorgen voor onthaal, voorlichting, opleiding en instructie
  • Toezicht houden op het naleven van instructies
  • Zorgen voor de veiligheid van derden op de werkplek, zoals bezoekers en leveranciers
  • Zelf geen geweld gebruiken, niet pesten en geen ongewenst seksueel gedrag vertonen

Let op het verschil: de werkgever geeft PBM's en ziet toe op het gebruik. Jij gebruikt ze en onderhoudt ze.

💡 De werkgever geeft PBM's én ziet toe op het gebruik. Jij gebruikt ze en onderhoudt ze.

Wie helpt de werkgever: deskundige bijstand

Een werkgever hoeft niet alles zelf te weten. De wet zegt dat hij zich moet laten helpen door deskundigen.

Het bedrijf stelt daarvoor één of meer deskundige preventiemedewerkers aan. Vaak is dat een collega die dit naast zijn gewone werk doet.

Is er in het bedrijf niet genoeg kennis? Dan moet de werkgever hulp van buiten inschakelen, bijvoorbeeld een arbodienst met een bedrijfsarts.

Goed om te weten, geen examenstof: bij een klein bedrijf mag de directeur soms zelf de preventiemedewerker zijn.

💡 Eerst een preventiemedewerker in het bedrijf. Te weinig kennis in huis? Dan is externe hulp verplicht.

Afspraken over veilig werken

Vóór het werk maak je samen afspraken over hoe je het veilig doet. Dat heet per branche anders: een werkvergunning (petrochemie), een werkbriefje (schoonmaak) of overleg met de uitvoerder (bouw).

Het doel: de eindverantwoordelijke op de locatie weet welk werk er wanneer gebeurt. Hij vindt de restrisico's (de risico's die na alle maatregelen overblijven) klein genoeg, en geeft bewust toestemming. Iedereen doet alleen het werk dat is afgesproken, zodat niemand zichzelf of anderen in gevaar brengt. Je kunt een deel van de locatie veilig overdragen aan een aannemer of medewerker. En later weer terugnemen. En alle betrokkenen kennen de restrisico's en vinden die aanvaardbaar.

De afspraken doen vier dingen:

  • Overleggen met iedereen die meewerkt
  • Bindende afspraken maken
  • Vastleggen onder welke voorwaarden je werkt
  • Toestemming geven om te starten

In de afspraken staat:

  • Welk werk, waar, op welke datum en hoe lang
  • Tot wanneer de afspraken gelden
  • Welke veiligheidsmaatregelen en welke PBM's
  • Hoe je de plek veilig achterlaat
  • Wie erbij betrokken zijn: naam, functie en taak
  • Bij wie je meldingen doet
  • Zo nodig: waar de instructies staan

Je leidinggevende geeft leiding en uitleg. Hij let erop dat het werk volgens de afspraken gaat. Jij laat je informeren over de inhoud en houdt je aan de afgesproken voorwaarden en maatregelen.

💡 Jij: laat je informeren over de afspraken en houd je eraan. Je leidinggevende: legt uit en ziet toe.

Goed om te weten: welk VCA-diploma heb jij nodig?

Dit is achtergrond, geen examenstof.

B-VCA (Basisveiligheid) is voor iedereen die uitvoerend werk doet in een risicovolle omgeving. Ook als je uitzendkracht bent.

VOL-VCA (Veiligheid voor Operationeel Leidinggevenden) is voor wie leiding geeft aan een ploeg.

VIL-VCU is voor intercedenten van uitzendbureaus die mensen naar zulk werk sturen.

Een VCA-diploma is 10 jaar geldig. Daarna doe je opnieuw examen.

💡 B-VCA voor uitvoerend werk, VOL voor leidinggevenden, VIL voor intercedenten. 10 jaar geldig.

Dit weet je nu

Klaar om het te testen? Dan gaan we naar de vragen.

  • De Arbowet geldt voor je werkgever én voor jou. De Arbeidsinspectie controleert en mag ingrijpen, tot stilleggen aan toe.
  • Jij werkt veilig, gebruikt je PBM's goed, meldt gevaar en volgt instructies. Je werkgever zorgt voor een RI&E, voorlichting, PBM's en toezicht.
  • Afspraken zoals een werkvergunning: jij laat je informeren en houdt je eraan, de verantwoordelijke geeft toestemming.
Claartje leest voor

Test jezelf

114 oefenvragen over regelgeving en veiligheidsregels in de app. Of doe nu het gratis proefexamen met vragen uit alle hoofdstukken, voorgelezen door Claartje.

Gratis proefexamen

Oefenvragen: regelgeving en veiligheidsregels

Klik op een vraag voor het antwoord, de uitleg en waarom de andere antwoorden niet kloppen.

Een bedrijf heeft al twee keer een waarschuwing gekregen, maar houdt zich nog steeds niet aan de regels. Wat mag de inspecteur van de Arbeidsinspectie nu doen?
  1. Alleen een nieuwe waarschuwing sturen, meer mag niet
  2. Een proces-verbaal opmaken
  3. Het bedrijf zelf gaan leiden tot het weer veilig is
  4. De werknemers van het bedrijf ontslaan

Antwoord: B

Blijft een bedrijf de regels overtreden, dan mag de Arbeidsinspectie een proces-verbaal opmaken. Een bedrijf leiden of werknemers ontslaan hoort niet bij haar bevoegdheden.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • A: Na herhaalde overtredingen mag de inspectie verder gaan dan alleen waarschuwen.
  • C: De inspectie neemt nooit de leiding over een bedrijf over; dat blijft het bedrijf zelf.
  • D: Ontslaan is een zaak van het bedrijf, niet van de Arbeidsinspectie.
Jan ziet dat een collega een beveiliging van een zaagmachine heeft weggehaald omdat het 'sneller werkt'. Wat moet Jan doen?
  1. Niets, het is de keuze van zijn collega
  2. De beveiliging ook weghalen, zodat ze even snel werken
  3. De situatie melden aan de leidinggevende en de handeling laten stoppen
  4. Wachten tot de Arbeidsinspectie langskomt

Antwoord: C

Als werknemer moet je zorgen voor de veiligheid van jezelf én anderen, en onveilige handelingen melden. Beveiligingen verwijderen is verboden.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • A: Je moet ook zorgen voor de veiligheid van anderen, niet alleen voor jezelf.
  • B: Een beveiliging weghalen is altijd verboden, ook als het sneller werkt.
  • D: Je wacht niet op de inspectie; onveilige handelingen meld je direct aan je leidinggevende.
Tijdens het werk ontdek je dat er ernstig en direct gevaar is voor jou en je collega's. Wat is de juiste actie?
  1. Doorwerken en het na de pauze bespreken
  2. Direct melden bij je leidinggevende, het werk stoppen en de veiligheid opzoeken
  3. Alleen je collega's waarschuwen en zelf doorwerken
  4. Zelf de installatie repareren, ook zonder kennis

Antwoord: B

Bij dreigend, ernstig of onmiddellijk gevaar: meteen melden, stoppen en naar een veilige plek. Je hebt het recht om het werk te onderbreken bij gevaar voor mensen.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • A: Bij ernstig gevaar werk je niet door; je mag het werk meteen onderbreken.
  • C: Je eigen veiligheid telt ook: bij ernstig gevaar stop je zelf ook en meld je het.
  • D: Maatregelen neem je alleen als dat met je eigen kennis en middelen veilig kan.
Je werkt al drie jaar in een lawaaiige productiehal. Welk recht heb je op het gebied van gezondheidstoezicht?
  1. Recht op een periodiek gezondheidsonderzoek, bijvoorbeeld een gehoortest
  2. Recht op één keuring bij indiensttreding, daarna niet meer
  3. Recht op een onderzoek, maar alleen na een ongeval
  4. Recht op een eigen bedrijfsarts op de werkplek

Antwoord: A

Werknemers krijgen periodiek (dus regelmatig) de gelegenheid om een onderzoek te ondergaan om gezondheidsrisico's door het werk te voorkomen of te beperken. Niet één keer, en niet alleen na een ongeval.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • B: Periodiek betekent regelmatig, dus niet alleen één keer bij je start.
  • C: Het onderzoek is juist bedoeld om schade te voorkomen, niet pas na een ongeval.
  • D: De wet geeft je recht op onderzoek, niet op een eigen arts op de werkvloer.
Een werkgever deelt veiligheidsschoenen uit maar controleert nooit of iemand ze draagt. Welke plicht vergeet de werkgever?
  1. De plicht om werknemers te laten kiezen welke PBM's ze willen
  2. De plicht om toezicht te houden op het gebruik van de PBM's
  3. De plicht om de schoenen elke maand te vervangen
  4. Geen enkele plicht, uitdelen is genoeg

Antwoord: B

De werkgever moet werknemers doelmatige PBM's geven én erop toezien dat ze gebruikt worden.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • A: De werkgever geeft doelmatige PBM's; werknemers kiezen niet zelf wat ze willen.
  • C: Een vaste maandelijkse vervanging staat nergens in de wet.
  • D: Uitdelen is pas de helft van de plicht van de werkgever.
Je gaat in een fabriek aan een installatie werken. Je leidinggevende regelt eerst een werkvergunning. Waarom is die vergunning nodig?
  1. Zodat het bedrijf minder belasting betaalt
  2. Zodat de verantwoordelijke weet wat er gebeurt en toestemming geeft
  3. Zodat je sneller kunt werken
  4. Zodat de Arbeidsinspectie niet langs hoeft te komen

Antwoord: B

Afspraken over veilige werkuitvoering zorgen dat de eindverantwoordelijke op de locatie weet welk werk er wanneer gebeurt, de restrisico's aanvaardbaar vindt en bewust toestemming geeft om te starten.

Waarom de andere antwoorden niet kloppen

  • A: Een werkvergunning gaat over veilig werken, niet over geld of belasting.
  • C: Een werkvergunning is er voor de veiligheid, niet voor het tempo.
  • D: De inspectie mag altijd langskomen, met of zonder werkvergunning.

Bron: SSVV, VCA eind- en toetstermen 3.1 (m.i.v. 1 september 2026) en toetsmatrijs B-VCA versie 2026.